Digitale feedback bij Diagnostische Toets Schrijfvaardigheid

Wilma Maljaars, Neerlandistiek, FGw

Alle eerstejaars studenten van de Faculteit der Geesteswetenschappen maken een diagnostische toets Schrijfvaardigheid. Om betere feedback te kunnen geven, beoordelaars zo veel mogelijk op één lijn te krijgen en om uiteindelijk tijd te besparen, zal de digitale nakijktool Turnitin gebruikt worden.

 

Achtergrondinformatie

De Diagnostische Toets Schrijfvaardigheid die bij de FGw wordt afgenomen, heeft tot doel deficiënties op het gebied van taalvaardigheid op te sporen. Studenten lezen twee vakgerelateerde artikelen waar zij acht open vragen over krijgen. Beoordeeld wordt of zij in staat zijn de essentie uit een passage in eigen woorden weer te geven en een eigen standpunt te onderbouwen. Het taalgebruik moet correct, begrijpelijk en aanvaardbaar zijn. Alle studenten krijgen op deze manier inzicht in het niveau van hun schrijfvaardigheid en komen te weten welke aspecten aandacht behoeven. Wie geen voldoende voor de toets haalt, dient een (gratis) remediërende cursus te volgen.

 

De wensen

Het nakijken van deze toetsen is arbeidsintensief. Het gaat om grote aantallen toetsen die in korte tijd beoordeeld moet worden en het is belangrijk dat dat nakijken nauwkeurig gebeurt: studenten moeten inzicht krijgen in de door hen gemaakte fouten en de doorverwijzing naar cursussen of workshops moet correct verlopen. De hoop is dat het gebruik van Turnitin, een online tool om de toets digitaal na te kijken, zal leiden tot:

          winst in correctietijd;

          meer eenduidigheid: verschillende docenten moeten zelfde criteria op dezelfde manier hanteren;

          uitgebreidere (en dus betere) feedback;

          efficiëntere doorverwijzingen/advies over cursus, begeleiding of zelfstudie;

          minder papierverspilling.

 

Pilot Turnitin

Dankzij Grassroots is een pilot opgezet, om Grademarks te ontwikkelen (= knoppenset met beoordelingscriteria) en deze te testen bij een kleine studierichting (Archeologie), die zo nodig aan te passen en indien gewenst het gebruik uit te breiden (bij meer studierichtingen en door meer docenten). De eerste fase is inmiddels afgerond: studenten Archeologie hebben hun toets ingeleverd via Turnitin en die is digitaal nagekeken.

            Turnitin is redelijk gemakkelijk te gebruiken. Het meeste wijst zichzelf, hoewel je gaandeweg geregeld leert hoe dingen beter en makkelijker kunnen. Bij het nakijken van de schrijftoetsen wordt al met 8 vaste criteria gewerkt, die zich vrij eenvoudig om lieten zetten in Grademarks, dus in knoppen.

1 Essentie

2 Argumentatie

3 Verbanden

4 Formuleringen

5 Lexicaal

6 Grammatica

7 Spelling

8 Interpunctie

 

 Eerste bevindingen

 In eerste instantie leek het handig om alle categorieën uit te werken en een specificatie te maken van bijv. de grammaticale fouten. Op die manier weet de student precies wat hij/zij fout heeft gedaan. Bij nader inzien is die uitgebreide set niet gebruikt, omdat deze toets hoofdzakelijk tot doel heeft de studenten met deficiënties te selecteren en het verfijnen van de criteria de correctie tijdrovender maakt. Wel zijn voor de categorie 1 en 2 zijn extra knoppen gemaakt om zo een onderscheid te maken in voldoende, matig en onvoldoende.

 Het is handig dat tijdens het nakijken knoppen gemaakt kunnen worden voor terugkerende opmerkingen (studenten geven maar één argument, in plaats van de gevraagde twee argumenten, ze zijn te weinig concreet, etc.), zodat zo’n fout niet steeds opnieuw beschreven hoeft te worden.

Een ander voordeel is de toelichting bij de Grademarks, die uitsluitsel geeft als je als beoordelaar twijfelt tot welke categorie een fout wordt gerekend. Gemaakte afspraken zijn makkelijker te raadplegen en die duidelijkheid zal zorgen voor meer uniformiteit in de beoordelingen.

Er zijn jammer genoeg ook nadelen: bij het nakijken van de toetsen op papier, gaat het aanstrepen van de fouten vrij snel, zeker na enige ervaring. Het nakijken via Turnitin lijkt tijdrovender; te meer je voor je het weet een opmerking hebt geplaatst, waar dat niet de bedoeling is. Dat kost tijd en leidt tot ergernissen. Het is bovendien soms zoeken hoe je de fouten het handigst presenteert, zeker als een student in korte tijd veel fouten maakt. Dan krijg je een opeenhoping van blokjes met foutverwijzingen. Dat is onoverzichtelijk voor de student, maar ook voor de beoordelaar. De docent moet namelijk zelf nog inventariseren hoe veel fouten er zijn gemaakt en wat dat voor het oordeel betekent. Er is wel een handig overzicht van de gemaakte fouten te downloaden, maar het document zelf (de toets) kent op dat punt jammer genoeg (nog) geen echt hulpmiddel.

 Bij dergelijke nadelen is het vooralsnog de vraag of ze blijvend zijn. Het zal zeker zo zijn dat meer ervaring tot meer tijdwinst leidt. Vooralsnog voelt nakijken met Turnitin ook als een andere manier van nakijken; met meer focus op het taalgebruik op zins- en woordniveau, maar met minder oog voor het geheel. Ook op dit punt zal de komende weken duidelijker moeten worden: of dat een gevoel of werkelijkheid is, of het een kwestie van wennen en/of aanpassen is en zeker ook of een dergelijke verandering een verbetering is of niet.

(wordt vervolgd)

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s