Verslag Feedbackfruits bijeenkomst

Op woensdag 7 juni organiseerde het Center for Innovation for Learning en Teaching (CILT) en de expertisegroep onderwijs UvA (IRS, EGOW) een informatiebijeenkomst over Feedbackfruits. Een nieuwe online onderwijs omgeving die onlangs door de UvA is aangeschaft.

Etienne Verheijck stond in het openingswoord stil bij de recente ontwikkelingen van CILT. De plannen voor een structurele inbedding van Blended Learning bij de faculteiten krijgen duidelijk meer vorm.  Strategische keuzes voor onderwijsinnovatie moeten nu worden gemaakt om de uitdagingen waar de UvA voor staat in het onderwijs op te pakken. Technologie an sich is geen oplossing, het is de samenwerking waar technologie en onderwijs elkaar ontmoeten die noodzakelijk is om duurzame innovaties te realiseren.

Jan Hein Gooszens nam de aanwezigen mee in de mogelijkheden van Feedbackfruits. Na een korte introductie over Feedbackfruits nam hij het publiek hands on mee in de mogelijkheden van enkele tools in de Feedbackfruits omgeving.

Feedbackfruits is een jonge Nederlandse onderneming (2013) die in korte tijd een behoorlijke naam heeft gemaakt als ontwikkelaar van innovatieve ICT-oplossingen in het onderwijs. Het biedt een innovatie e-learning omgeving die in gebruik is bij de FEB en de FdR. Ook andere faculteiten hebben interesse om experimenten en pilots te starten. Feedbackfruits is een goede aanvulling op de bestaande onderwijsomgevingen en biedt mogelijkheden om te integreren met de huidige leeromgeving Blackboard en de nieuwe leeromgeving Canvas Instructure.

Hun product is geen alternatief voor de grote campusbrede leeromgevingen maar biedt zinvolle uitbreidingen op het bestaande pakket aan functionaliteiten. Het is een exemplarisch voorbeeld van een schil tool in de opzet zoals beschreven in de nieuwe DLO visie van de UvA. Zij spreken over onderwijsplug-ins die elk afzonderlijk naar behoefte kunnen worden ingezet in het onderwijs via de bestaande leeromgeving. De Onderwijsplug-ins die kunnen worden toegepast zijn ( de links geven toegang tot korte instructiefilmpjes):

Corneel den Hartogh (FNWI) en Rik Jager (FdR) gingen in hun presentaties expliciet in op de ervaringen met Feedbackbackfruits in de onderwijspraktijk bij de UvA. Bij de FNWI heeft men ervaring opgedaan met oudere versie van Feedbackfruits. Corneel heeft hierover een aardige blogpost geschreven: Blog Fruitfull Learning Rik (FdR) stond in zijn verhaal stil bij de (on-)mogelijkheden om studenten te verleiden om actief deel te nemen aan het onderwijs door gebruik te maken van de peer feedback mogelijkheden. Daarnaast gaf Rik een inzicht in de samenwerking met Feedbackfruits en gaf het publiek mee dat Feedbackfruits snel inspeelt op wensen en ervaringen uit het veld. Tot slot van de bijeenkomst liet Frank Benneker zien hoe je in de UvA Blackboard omgeving gebruik kan maken van de Feedbackfruits integratie.

Bronnen:

 

 

Het NMC Horizon 2017 HO trendrapport

Het NMC Horizon 2017 trendrapport voor het Hoger Onderwijs is verschenen.NMC publiceert ism Educause elk jaar verschillende trend rapportages, ook elk jaar één over de ontwikkelingen in het hoger onderwijs.Via deze link: http://cdn.nmc.org/media/2017-nmc-horizon-report-he-EN.pdf  is het rapport van dit jaar in te zien.

Het rapport is opgebouwd rond drie centrale thema’s:

  • Ontwikkelingen die het gebruik en adoptie van technologie in het hoger onderwijs versnellen
  • Uitdagingen die het HO oppakken voor een succesvolle implementatie ICT oplossingen in het HO
  • Technologische trends die komende jaren in het onderwijs een rol gaan spelen.

Elk van de thema’s is opgebouwd uit een drietal perspectieven die de basis thema’s verder in onderwerp en tijd uitwerken.

Op pagina 3 van het rapport worden in een infogram de essentie van de gesignaleerde trends weergegeven. Op pagina 4 en 5 wordt teruggekeken naar de trendrapport vanaf 2012. In de grafiek op deze pagina’s wordt inzichtelijk welke trends over meerdere jaren een rol hebben gespeeld in het HO en welke trends snel kwamen en weer van radar verdwenen.

Voor diegene die wat dieper in de materie willen duiken en lezen hoe het onderzoek en beoordelingen die ten grondslag liggen aan dit rapport is de bijbehorende wiki interessant: http://horizon.wiki.nmc.org/

Tools, Tips and Tricks met Geografische data

Tools, Tips and Tricks
bijdrage van Thijs de Boer, Harry Seijmonsbergen & Henk Pieter Sterk

 Trefwoorden: Geografische data, voorbeelden, 

Er wordt een website ontwikkeld voor en door UvA Master studenten en medewerkers om gemakkelijk geografische data en modellen te delen met anderen. Het doel is om een platform te creëren waar data, tips en hulpmiddelen gerelateerd aan de aardwetenschappen, inclusief ecologie, kan worden aangeleverd om vervolgens door anderen binnen het UvA-domein gebruikt te kunnen worden.

Studenten kunnen, na goedkeuring van de beheerders, hun thesis-uitkomsten en/of data aanleveren zodat deze voor verder onderzoek beschikbaar blijven. Door middel van een uitgebreid metadata-overzicht zal de bron altijd te achterhalen zijn, evenals de gebruikte methodes voor het maken van de projectproducten. Ook scripts van bijvoorbeeld Python of MATLAB zullen via deze portaal beschikbaar worden voor onderzoek en onderwijs.

Ook zal er een lijst met online databases gemaakt worden waar men, ook buiten de UvA om, geo-gerelateerde data kan verkrijgen. Hierbij moet men denken aan bijvoorbeeld luchtfoto’s uit Spanje, hoogtemodellen uit Engeland en alle open data van Nederland en nog veel meer.

Doordat de input mede door studenten bepaald wordt is de verwachting dat de portaal goed gebruikt wordt; er kunnen verzoeken voor bepaalde dataset worden ingediend bij de beheerders om eigen projecten te ondersteunen.

Het platform zal onderdeel worden van de Geoportal of the University of Amsterdam (http://geodata.science.uva.nl:8080/geoportal/catalog/main/home.page).

Oefenmodule Argumentatie-analyse

bijdrage van José Plug & Jean Wagemans

Doel
Deze Grassrootsprojecten zijn gericht op het ontwikkelen van een digitale oefenmodule in het NL voor het eerstejaars vak Argumentatie-analyse, dat onderdeel uitmaakt van de BA Nederlandse Taal en cultuur (NTC) en de BA Taal en communicatie (T&C), en een module in het EN voor het vak Argumentation and Discourse in Science , dat onderdeel uitmaakt van de DUMA Discourse and Argumentation Studies Amsterdam (DASA), de DUMA Tekst en communicatie (T&C) en de MA Nederlandse Taal en cultuur (NTC).
De modules worden ontwikkeld door studenten in het kader van het vak Argumentative practices 2, dat onderdeel uitmaakt van de duale MA Discourse and Argumentation Studies Amsterdam (DASA). De leeropbrengsten voor de BA studenten die met de module gaan oefenen zijn onder andere:

  • er komt extra oefenmateriaal beschikbaar voor het vak
  • de oefenmodule werkt met andersoortig materiaal: zowel geschreven als gesproken oefenmateriaal (webteksten en videofragmenten)
  • het oefenmateriaal ligt dichter bij de argumentatieve praktijk, is zowel realistischer als actueler

De leeropbrengsten voor de MA studenten die de module ontwerpen zijn onder andere:

  • het vertalen van theoretische inzichten naar de praktijk
  • het leren didactiseren van kennis die ze zelf al bezitten
  • het aanpassen van gevonden materiaal aan een digitale module
  • het afstemmen van oefenmateriaal op een specifieke doelgroep

Stappen
Gedurende studiejaar 2014-2015, blok 2, semester 2 hebben studenten van het vak Argumentative practices 2 het digitale oefenmateriaal ontwikkeld.

(1) Ontwikkelfase
Na een startbijeenkomst met een PP presentatie van de opdrachtgevers (José Plug en Jean Wagemans) hebben de studenten in groepjes onder begeleiding van de vakdocent (Ingeborg van der Geest) een eerste versie van de oefenmodule ontworpen. Deze module is vervolgens –  na instructie over de eigenschappen van het gekozen format – in Adapt Learning geplaatst door de externe begeleider ICT van deze Grassrootsprojecten (Myrthe Bil).

(2) Testfase
De Adapt Learning modules zijn getest door een team van docenten op bruikbaarheid en correctheid. In de beoordeling zijn zaken meegenomen als de kwaliteit van de vraagstelling en de antwoorden, het niveau, en de consistentie van de layout.

(3) Gebruiksfase
De modules worden op dit moment aangeboden aan studenten van het BA vak Argumentatie-analyse onder begeleiding van docent Eugen Popa en het MA vak Argumentation and Discourse in Science onder begeleiding van docent Jean Wagemans. Door studenten van beide groepen zullen evaluatieformulieren worden ingevuld die in het vervolgtraject van deze projecten gebruikt zullen worden om het materiaal in de nu uitgevoerde pilot door te ontwikkelen tot een volwaardige digitale oefenmodule.

Resultaat
Het voorlopige resultaat van deze gekoppelde Grassrootsprojecten is een NL en EN digitale oefenmodule Argumentatie-analyse die is onderverdeeld in vier thema’s die behandeld worden bij de colleges. Elk thema heeft een aantal items, bestaande uit een tekstfragment of een videofragment, waarover een aantal vragen worden gesteld. De feedback aan de student is of het antwoord goed of fout is.item4

 

 

 

Reacties
De MA studenten die de module hebben ontwikkeld hebben reflectiedocumenten geschreven waarin zij hun ervaringen hebben weergegeven. Een aantal voorbeelden hieruit:

Student A
“The project was set up to offer students of argumentation and Dutch an opportunity to test and further their knowledge of argumentation. Considering the fact that the comprehension of argumentation requires practice, we all considered the Grassroots Project to be an initiative that is very much welcome.

The project itself was well-managed. Dr. H.J. Plug and dr. J.H.M. Wagemans, the clients, together with Myrthe Bil, the digital developer, regularly chaired meetings in which we could ask them questions. The clients were very helpful in answering any questions regarding hard and soft requirements. In addition, Myrthe Bil was available for important questions regarding practical issues, such as formatting. Because of the openness and overall enthusiasm, expressed by both the students and the clients, we were able to create the best possible content for the development of the adapt learning tool.

The assignments given as mandatory course requirements by drs. I.M. van der Geest for the course ‘Argumentative Practices 2’, not only allowed us to create content for a tool that we knew would be valuable for upcoming students who will get the opportunity to learn about argumentation, it also allowed us, argumentation students, to exercise the knowledge we have acquired during our studies. Finding the most suitable examples of argumentative practices, creating questions based on these examples, and making sure the questions met the requirements proposed by the clients, proved to be a serviceable task for us as well. Each group of students got the opportunity to deepen their knowledge on a particular strand within argumentation. Moreover, by creating content that had to meet the wishes of clients gave us a taste of what it is like to work with argumentation, as well as with clients.

Since, we all think that the Grassroots Project is very valuable, and we appreciate everything that the assignments have taught us, I think most students would even be willing to contribute to further projects or the further the development of this particular adapt learning tool, if needed. Personally, I wish more projects like existed, since I truly consider adapt learning to be of vital importance, especially for those academic fields where, besides theoretical knowledge, functional knowledge is of key importance.”

Student B
“Het maken van een digitale leeromgeving was een hoop werk en gaandeweg werd me steeds duidelijker wat het doel was van dit project. Ik merkte dat ik er zelf veel van leerde als ik de stof toegankelijk probeerde te maken voor anderen. Tijdens de rechtvaardiging van de analyse werd je gedwongen om de stof in detail uit te leggen en je in te leven in hoe de stof overkomt op een nieuwe student. Zo werd bij het maken van de vragen ook duidelijk welke denkstappen nodig zijn om tot een juist antwoord te komen op de vraag. Op die manier krijg je zelf een vollediger beeld van hoe inzicht over argumentatie tot stand komt. Ook vond ik het leuk om verschillende soorten fragmenten uit te zoeken die passen bij de interesses van de student en die afwisselend inspirerend en entertainend zijn. Ik hoop dat onze inzet zal leiden tot een beter begrip van de stof en een prikkelende leeromgeving.”

Student C
“Het creëren van de vragen leek een makkelijke opgave –los van het feit dat er veel werk bij zou komen kijken- aangezien wij allemaal masterstudenten zijn met de nodige voorkennis. Het was absoluut niet makkelijk, maar het was in ieder geval een uitdaging. Aan de hand van het motto ‘keep it simple’ hebben wij getracht als groep een zo representatief en relevant mogelijke corpus te maken aan opdrachten die toekomstige argumentatie studenten zullen gaan testen met behulp van de Adapt Learning Module. Ik ben zeer benieuwd hoe het er uit gaat zien in de module.
       Al met al is het een uitdagend project geweest, en een interessante manier om alle theoretische kennis in de praktijk toe te passen. Vanuit dit perspectief is het vak een geweldige opstap geweest naar de stage die vanaf september dit jaar zal gaan beginnen. Behalve de indeling van het programma binnen de master, heb ik genoten van de samenwerking en het maken van de opdrachten. Mijn belangstelling is enigszins gewekt om eventueel later iets soortgelijks te gaan doen; maar dat kan ik uiteraard niet bevestigen.”

Student D
“Betrokken zijn bij de ontwikkeling van het Grassroost Project was een zeer leerzame ervaring, met name door de koppeling van theorie en praktijk. Als argumentatie-experts kregen we de opdracht om digitaal lesmateriaal te ontwikkelen op het gebied van argumentatie-analyse en -evaluatie. Daarvoor gingen we op zoek naar recente geschreven en gesproken teksten, waarbij we vragen opstelden. Hiervoor was een grondige analyse van de fragmenten nodig, met daarbij oog voor didactiek. Dit leek makkelijk, maar bleek een flinke kluif te zijn. Door elkaar fragmenten, analyses en vragen kritisch te bestuderen, werd het lesmateriaal steeds beter. Het leuke aan dit project was dat we echt aan een opdracht werkten voor een klant, die we dus ook geregeld spraken om de doelen en vorderingen te bespreken. En nu wordt het eindproduct daadwerkelijk gebruikt bij eerstejaarsvakken argumentatie-analyse!”

Toekomst
Het voorlopige resultaat van deze gekoppelde Grassrootsprojecten is een NL en EN digitale oefenmodule Argumentatie-analyse met een aantal vragen onderverdeeld in vier thema’s. Er komen nog eindevaluaties van de BA studenten, de aanvragers, de ICT medewerker en de begeleidende docenten. Als deze eindevaluaties net zo positief zijn als de voorlopige evaluaties tot nu toe, zal een nieuwe Grassroots aanvraag worden gedaan om, samen met MA studenten, te komen tot een volwaardige digitale oefenmodule.

EU commission report on ‘New modes of learning and teaching in higher education’

The following report is relevant for large scale deployment of Learning Analytics within Europe:

http://ec.europa.eu/education/library/reports/modernisation-universities_en.pdf

Recommendation 14
Member States should ensure that legal frameworks allow higher education institutions to collect and analyse learning data. The full and informed consent of students must be a requirement and the data should only be used for educational purposes.

Recommendation 15

Online platforms should inform users about their privacy and data
protection policy in a clear and understandable way. Individuals should
always have the choice to anonymise their data

Open Learning Analytics Network – Summit Europe 2014

First reported by Adam Cooper at:  http://www.laceproject.eu/open-learning-analytics-network-summit-europe-2014/

Learning Analytics is rightly identified as being a potent enabler of change in formal and informal education and training, in educational establishments and in the workplace. Open technical architectures and Open Standards are a critical requirement for achieving results at scale; they provide a conceptual and technical framework to allow both proprietary and Open Source software providers to innovate in their particular niche. These are two pillars of the idea of an Open Learning Analytics framework, a technical and conceptual basis for multiple real-world platforms, which would be:

  • Open, with processes, algorithms, and technologies being accessible and changeable. This is important for innovation and meeting the varying contexts of implementation. It is also important in fostering stakeholder-trust in Learning Analytics systems.
  • Transparently validated, with the technical aspects, usability, and effectiveness evaluated, and the results and methodology captured in an intelligible format. This will enable organizations to compare products without the need for a deep understanding of the problem domain.
  • Modular to support the development and integration of “best of breed” components. Core analytic tools (or engines) might include: adaptation, learning, interventions, and dashboards. An open architecture enables the innovative tools and methods of commercial providers and researchers to be integrated into diverse learning platforms.
  • Standards-based to reduce the barrier to modularity and aid incremental adoption. Standards should also help to reduce market fragmentation and increase the number of viable products.

The idea of an Open Learning Analytics platform was first advanced by a group of leading thinkers on Learning Analytics from Europe, Australia, and North America in a 2011 visioning paper published by the Society for Learning Analytics Research (SoLAR).  Since then, a summit meeting was held in Indianapolis (USA) in March 2014 to promote networking, to develop thinking, and to explore possibilities for collaborative research and innovation, including through grant funding. This meeting made progress towards the idea of Open Learning Analytics as a technical and conceptual framework around which multiple stakeholders could coordinate their activity around areas of common interest.

The time is right to gather a European critical mass of activity behind the idea of an Open Learning Analytics framework since both Learning Analytics and interoperability are identified as key areas for research and innovation in the Horizon 2020 call ICT-20, “Technologies for better human learning and teaching”.

The purpose of Open Learning Analytics Network Summit Europe is to develop a shared European perspective on the concept of an Open Learning Analytics framework, based on a critical view of where we are now and what is feasible in the next 3-5 years. The intended outcomes of the summit are concrete plans for collaborative research and innovation. These plans will set out to meet the challenges and realise the possibilities of 21st century learning and teaching, including those outlined in the ICT-20 call, in a way that properly embeds the Open Learning Analytics principles.

Open Learning Analytics Network – Summit Europe
Allard Pierson Museum
Amsterdam, December 1, 2014
09:30 – 16:00

We invite participation from:
Public and private sectors,
Innovators from all sectors of education and training,
Open Source and proprietary software developers,
People with experience of Learning Analytics interoperability,
Architects of modular and distributed systems.

The summit agenda will include:

  1. An introduction by the organisers – background and call to action
  2. Lightning talks – all participants are invited to contribute a 5 minute talk/presentation on their particular interests in, and vision for, Open Learning Analytics and its application to education or training.
  3. Breakout group discussion, with groups organised according to interests. These will work on developing shared visions, a common understanding of key architectural components, identifying promising areas for collaboration, and propose some concrete actions.
  4. Plenary discussion of next actions.

The number of participants is limited in order that we can have an efficient working meeting. Expressions of intent to participate should be made via an online form, which will capture your areas of interests. All participants are invited to provide a one page description of their organisation; these will be collated prior to the summit and available to all participants.

Participants will be invited to gather for dinner on the evening prior to the summit (details to be announced). There is no fee for attendance. Lunch will be provided. Accommodation and dinner will not be provided by LACE.


This summit is being organised in collaboration with Alan Berg and colleagues at the University of Amsterdam, and the Apereo Learning Analytics Initiative.

Hulp gevraagd bij digitale feedback!

bijdrage van: Masha Bakker

Voor een academisch schrijfvak ben ik op zoek naar een programma om gestandaardiseerde feedbackrapporten digitaal onder mijn studenten te verspreiden. Het is belangrijk dat zij per criterium weten hoe zij scoren (bijv. ‘matig’) en daar relevant herschrijfadvies bij krijgen (standaard en/of aanvullend of geen). Een eis is dat studenten het herschrijfadvies dat voor hen niet relevant is, ook niet in het rapport terugzien. Een tweede eis is dat het makkelijk aan Blackboard kan worden gekoppeld. Derde eis: dataverzameling studenten en beoordelende docenten. Vierde en belangrijkste eis: makkelijk in gebruik voor docenten die de formats voor de feedbackrapporten zelf bouwen.

Zelf stel ik mij een programma’tje voor met vooraf ingebouwde keuzemenu’s e.d. – een beetje zoals in een online enquête. Het probleem met dit soort enquêtetools is dat ik de ingevulde rapporten meestal niet naar de studenten kan versturen. Met Qualtrics kan dit wel, maar het programma valt af omdat het te duur is… Heb ook al eens geëxperimenteerd met Easion, Turnitin en de nakijktool in Blackboard, maar ik vraag mij af of er meer mogelijkheden zijn.

Samenvattend: makkelijk in gebruik, niet duur, met dataverzameling en geschikt voor Blackboard.

Heeft iemand een tip?

automatic online evaluation server for the python

bijdrage van:  Thomas Mensink

Next week our course ‘Visual Search Engines’ will start. Roughly 50 students from the MSc Information Studies program have enrolled, and we’re excited to start using our automatic online evaluation server for the python lab assignments. The aim of the lab is to support the understanding of the theories discussed during the lectures, but learning-to-program is not one of the class (key) objectives.

The goal of online evaluation of the students’ code is to enable students to study on their own pace, by receiving immediate feedback about the correctness of their code and being able to track their own progress. This is inspired -in part- by the people behind the first MOOC initiatives, nicely illustrated by Salman Khan (founder of Khan Academy):

When you learn to ride a bicycle, and you fail to learn to ride a bicycle, you don’t stop learning to ride the bicycle, give the person a D, and then move on to a unicycle.

You keep training them as long as it takes. And then they can ride a bicycle.

During the past weeks, we have been discussing the requirements, possible setups, and existing solutions for automatic evaluation of code. There are many online platforms, which focus either on learning-to-program, or collaboration on (python) programming. Most notable is CodeCademy (http://www.codecademy.com), which allows the creation of new courses, and which has a ‘pupil-tracking’ module to track progress of students. Unfortunately, those two cannot yet be combined; although this is planned for the (near) future.

Therefore we have designed our own evaluation protocol for students’ code. This required some serious consideration. Evaluating honest attempts of the lab assignment is rather trivial, however how to prevent malicious code to be run on the evaluation server? Restricting a general programming language (such as Python) is hardly possible, without restricting so much that the program is not of any use anymore.

We came up with the following design:

Instead of executing student code on the server, we sandbox the code to the student’s computer. The students are evaluated on a series of pre-specified functions, the guts of which have been left for the students to fill in. In this way, we insure that we know exactly what form of data each function expects to receive and is expected to return.

As we already know the function’s expected behaviour, we are able to provide the function with input data to be fed through the function locally, on the student’s machine. The output of this evaluation is then returned to the server, where it checks it against a pre-computed expected output, and returns whether the student was successful or not. This allows to unit-test most of the required functions, although this might not be suited for all kinds of programming exercises. The final lab evaluation will be based on a lab-report and the submitted code.

The server logs the attempt by the student, and its success, so that both the course administrators as well as the student are able to track the student’s progress through a web interface. For the hosting of the server software, we use a service called PythonAnywhere (http://pythonanywhere.com) that allows users to easily create web applications using a full python installation. The python backbone of the service allows administrators to easily add pre-computed test inputs and outputs by simply implementing gold-standard versions of the functions the students are expected to complete.

A diagram giving an overview of the communication between a student’s computer and the server in the use case of a student submitting a function for review is provided below.

diagram

In the next blog,
we will discuss our in-class experience!

Spencer and Thomas

MOOC’s, Open Education en een strategische keuze

In het Nederlandse Hoger Onderwijs wordt de inzet van ICT niet gezien als een strategische keuze. ICT wordt op z’n best gezien als een bijdrage om het onderwijs mogelijk te maken. In veel gevallen wordt het als lastig en ongrijpbaar ervaren. Het moet gaan om Onderwijs met een hoofdletter en de ICT middelen zijn niet datgene waarmee een instelling zich denkt te kunnen onderscheiden van de ander om het verschil te maken in een markt waar nieuwe (commerciële) aanbieders en onderlinge competitie aan de orde van de dag zijn.

In deze Open Education Week en in het programma van het SURF seminar (http://www.surf.nl/agenda/2014/03/symposium-open-en-online-education/index.html) wordt dit eens ter meer onderschreven. Alle sessies gaan over processen, meerwaarde, veranderstrategieën, rendementen en modellen voor samenwerking. Wat ik mis is de aandacht voor datgene wat in mijn ogen de essentie is van wat Open Education, Online onderwijs en MOOCs mogelijk heeft gemaakt. En dat is Technologie, met een hoofdletter.

Als onze voorvaders in de 15e en 16e het alleen over processen, nieuwe business-modellen,  veranderstrategieën, rendementen en meerwaarde hadden gehad was de Gouden Eeuw nooit tot stand gebracht. Wat Nederland het strategisch voordeel gaf op andere landen in de Gouden Eeuw was durf en technologische innovatie. De ontwikkeling van het fluitschip gaf andere landen het nakijken en Nederland kon met het fluitschip de zeehandel in Europa volledig naar zijn hand zetten waarnaar Amsterdam kon uitgroeien tot het centrum van de wereldhandel en de VOC kon worden opgericht als het eerste “moderne” bedrijf .

Mijn punt is: Als het Nederlandse Hoger Onderwijs of een universiteit de strategische keuze maakt om te innoveren en echt werk wil maken van online onderwijs dan moet ze haar focus richten op datgene wat de essentie is dat online onderwijs mogelijk maakt, de ontwikkeling en inzet van innovatie ICT die (uit-)gedragen wordt studenten, docenten en ICT bouwers. De unieke mix van handelslieden, koopvaarders en scheepsbouwers verdienen een 21ste eeuwse opvolger. Innovatief onderwijs kan niet zonder een focus op innovatieve technologie en bij voorkeur iets wat zelf ontwikkelen en niet van ver moeten halen.

Hoe ontwikkel ik een MOOC en waarom ?

Vorige week (10 -12 februari) was ik 1 van de ruim 450 deelnemers (waarvan 20 Nederlanders) aan de European MOOC’s Stakeholders Summit (http://www.emoocs2014.eu/) . De conferentie vond plaats in het buitengewoon indrukwekkende Rolex gebouw van the École Polytechnique Fédérale de Lausanne (EPFL) in Lausanne.

Tijdens de drie dagen was naast de gebruikelijke aandacht over de strategische betekenis van het huidige MOOC debat en de mooie vergezichten van de diverse MOOC aanbieders veel aandacht voor praktische verhalen over het maken en aanbieden van MOOCs.

Over wat MOOCs zijn en het maken van MOOCs, enkele praktische verwijzingen
De open education portal van de EU geeft in een korte bijdrage een overzicht waarin  in 4 video’s de diverse aspecten van MOOCs worden besproken. link: http://openeducationeuropa.eu/en/blogs/what-mooc-here-are-four-videos-explain-new-way-learn-online

Onze gastheer in Lausanne (EFPL) is een veteraan in het bouwen van MOOCs , ze hebben er al 21 aangeboden en er zijn 13 nieuwe MOOCs in productie. De volgende blogpost beschrijft kort het videoproductie proces van EFPL: http://ignatiawebs.blogspot.nl/2014/02/emooc2014-videos-dos-and-donts-from.html en de slides met de do’s en don’ts zijn meer dan informatief , het is een blauwdruk om zelf een productieproces op te zetten:  http://www.slideshare.net/pjermann/moocs-video-tutorial

De “must download” is de “Edinburgh MOOCs handbook” http://t.co/UVKYNdyo11 Een uitgebreide handleiding voor een ieder die een MOOC aan het bouwen is of wil bouwen op het Coursera platform.

De didactiek is een onderwerp dat niet ontbrak tijdens de conferentie. Hanneke Duisterwinkel (TUe) verzorgde een pre-conference workshop met handige Tips en Tricks die van belang zijn tijdens het ontwikkelen en aanbieden van een MOOC, link: http://www.slideshare.net/HannekeDuisterwinkel/the-pedagogy-of-moocs-presentatie-lausanne

Het verhaal van Gerard Fisher geeft stof tot nadenken over hoe en waarom je een MOOC aanbiedt, link naar afbeelding van “Why (and an how) of the learning perspective of MOOCs” https://twitter.com/valentinareda/status/433514364218667008/photo/1

Een bijzonder en ontroerend verhaal over hoe MOOCs het leven van mensen kunnen veranderen is het interview met Barbara Moser-Mercer, die in een vluchtelingenkamp met MOOCs aan de slag ging. (pagina 114 in de proceedings: “MOOCs in fragile contexts”) Link naar het interview: http://redasadki.me/2014/02/12/interview-with-barbara-moser-mercer-the-lady-who-did-moocs-in-a-refugee-camp/

Een kritische reflectie op MOOCs mag niet ontbreken. De post van Dianna Laurillard in Times Higher Education “Five Myths about MOOCs (link: http://www.timeshighereducation.co.uk/comment/opinion/five-myths-about-moocs/2010480.article) en de discussie die onderaan het artikel volgt is in mijn ogen verplichte kost in het debat over MOOCs.

Dit is slechts een steekproef uit vele leuke, inspirerende sessies die mij veel stof tot nadenken hebben gegeven om de MOOC ontwikkelingen aan de UvA verder vorm te geven. Ik heb de intentie in de komende weken ook aandacht te geven aan de strategische discussies en de discussie rond de business modellen die plaats vonden tijdens de conferentie.

Meer informatie over de European MOOC’s Stakeholders Summit
De proceedings van de conferentie zijn op te vinden op: http://www.emoocs2014.eu/sites/default/files/Proceedings-Moocs-Summit-2014.pdf

En de slides van de presentaties op (zover beschikbaar): http://www.emoocs2014.eu/node/34

De keynotes kunnen worden teruggekeken op : http://www.youtube.com/channel/UCLteG7VHlg77xp91mHf5CjQ/videos