Studeren in de toekomst

Educause heeft een leuke animatie gepubliceerd over studeren in de toekomst. In dit filmpje zijn curriculum vernieuwing, leren op maat en nieuw technologieën ontwikkelingen in het onderwijs die samen optrekken. Deze visie op de toekomst staat ook stil bij de uitdagingen van privacy en security. Wat het beeld in mijn ogen sterk maakt is dat de menselijke maat en het menselijke oordeelsvermogen een integraal onderdeel dienen te zijn van de nieuwe ontwikkelingen.

5 manieren waarop de Open Onderwijs API kan worden ingezet voor learning analytics

Excerpt blogpost Tom Kuipers op de innovatieblog van SURF

“Kan de Open Onderwijs API (OOAPI) worden uitgebreid met gegevens voor learning analytics? Die vraag stelde SURFnet aan Tom Kuipers, ontwikkelaar afdeling Onderwijs en Onderzoek, ICT Services van de UvA. Hij ontdekte 5 manieren waarop de OOAPI van dienst kan zijn voor learning analytics.

De Open Onderwijs API is een standaard voor het delen van onderwijsdata. Met behulp van de OOAPI kunnen gegevens zoals cijfers en roosters makkelijk worden ontsloten in bijvoorbeeld een studentenapp. Vanuit het project Learning Analytics, onderdeel van het innovatieprogrammaOnderwijs op maat, kwam het verzoek om te bekijken hoe de Open Onderwijs API kan worden uitgebreid met learning analytics gegevens. Gegevens over studievoortgang zouden daarmee onderdeel kunnen worden van apps.”

https://blog.surf.nl/5-manieren-waarop-de-open-onderwijs-api-kan-worden-ingezet-voor-learning-analytics/

 

 

 

Interview met Jeannet Bierling vanwege haar afscheid bij de UvA

jeannet2-1694x1129Bijdrage van Willy Metzger, ook gepubliceerd op het UvAweb, 6 juli 2016

Na bijna 30 jaar aan het werk te zijn geweest voor ICT en Onderwijs aan de UvA gaat Jeannet Bierling met pensioen. Haar betrokkenheid en haar persoonlijke benadering van met name docenten die iets met ICT in hun onderwijs wilden doen, zoals dat in de beginjaren (rond de milleniumswisseling) nog voorzichtig werd genoemd, waren bij haar altijd aan het juiste adres, voor advies en daadkrachtige ondersteuning

Kleinschalige aanpak

Haar benadering van docenten was gericht op individuele en kleinschalige aanpak. De docent dient bij alle ICT-ontwikkelingen centraal te staan, was al vanaf het begin vanzelfsprekend voor haar. Zelf had ze ervaring in het middelbaar onderwijs en haar was het in haar werk aan de UvA te doen om docenten te helpen, om voor hen ruimte te krijgen voor verandering en vernieuwing van hun onderwijs doormiddel van slim ICT-gebruik. Maar voor verandering zijn altijd geld, tijd en faciliteiten nodig. Drie bronnen die in het onderwijslandschap, zeker in het hoger onderwijslandschap van Nederland best schaars zijn.

Wat waren voor jou highlights in je werk aan de UvA?

Zonder meer het zogenaamde Talon-project van de Faculteit Geesteswetenschappen in de periode van 2003-2008. Qua ICTO-ondersteuning een samenwerkingsproject tussen het toen centrale Informatiseringscentrum van de UvA en de ICTO-ondersteuning van de Faculteit Geesteswetenschappen. Een project waarbij beleidsmatige onderwijsvernieuwing bij het onderwijsinstituut Taal- en letterkunde tot stand werd gebracht. Met name het committment en de nadrukkelijke steun vanuit de bestuurlijke kant, in persoon van de toenmalige onderwijsdirecteur, maakten dat het project binnen de opleiding breed tot effecten en resultaten leidde. Het talonportaal (www.talonportaal.nl ) een archiefsite van de uit de diverse Talon-cycli voorgekomen projecten getuigd er nog van.
Later toen Jeannet van Geesteswetenschappen bij het IC terecht was gekomen, waren het de begeleiding en advisering van de zogenaamde ICTO-fondsprojecten, waar zij het meeste onderwijsverandering en onderwijsvernieuwing met behulp van ICT zag en haar steentje kon bijdragen. De Grassrootsprojecten in het bijzonder hadden tot op het laatst haar aandacht. Met deze kleinschalige projecten kunnen docenten en studenten het onderwijs(proces) verbeteren en versterken op het digitale vlak (http://www.uva.nl/grassroots ).

Waar zijn volgens jou de komende jaren op het gebied van ICT en Onderwijs verbeter-en winstpunten te halen aan de UvA?

Met name bij het verminderen van lastige bestuurlijke beperkingen en bij het wegnemen van een gemis aan focus bij onderwijsveranderingen en onderwijsvernieuwing rondom ICT en Onderwijs. Daarbij blijft belangrijk, dat bestuurders voor onderwijsveranderingen duidelijk aan docenten geld, tijd en faciliteiten beschikbaar stellen en daar ook van harte achter kunnen staan. De stappen die tot nu toe met “Blended Learning” aan de UvA worden gemaakt, gaan volgens haar een goede kant op, wat betreft de focus van het geheel. Veel van deze punten komen op korte termijn samen in de implementatie van de nieuwe digitale leeromgeving. Als die implementatie goede verbanden vindt met Blended Learning en omgekeerd kan dat voor beide trajecten de kans op slagen verbeteren.

De afdeling Onderwijs en Onderzoek (O&O) op weg naar de toekomst

bijdrage van: Vivien Linger – afdelingshoofd Onderwijs en Onderzoek

De afdeling Onderwijs en Onderzoek (O&O) van ICTS richt zich op het primaire proces van de UvA en HvA en volgt het beleid van de Expertisegroepen voor onderwijs en onderzoek. De waarde van de afdeling ligt in het uitproberen en realiseren van ICT en AV innovaties die de docent ondersteunt bij het verzorgen van onderwijs, de student ondersteunt bij het verwerven van kennis en het ontwikkelen van vaardigheden, en de onderzoeker ondersteunt bij het uitvoeren van onderzoek en de verslaglegging van de onderzoeksresultaten. 

Concrete verbeteracties
Met onze O&O plannen volgens A3 methodiek in de hand zochten we naar concrete verbeteracties. We vonden er veertig en kenden hier individueel prioriteiten aan toe. Dit gaf een eerste schifting tussen goede verbeteracties, en goede verbeteracties waar veel collega’s achter konden staan. Om onze prioriteiten nog scherper te krijgen hebben we vervolgens gestemd op de verbeteringen die we daadwerkelijk in 2016 wilden oppakken. We startten 2016 met een lijst van negen speerpunten voor het realiseren van onze A3. Op basis van de uitkomsten van de jaargesprekken zijn alle O&O-ers toegewezen aan speerpunten, en werd een aantal collega’s benoemd tot speerpunttrekker.

Waarde
Elk speerpunt beoogt de waarde van O&O voor ICTS, HvA en UvA glashelder te maken. Naast voor de hand liggende zaken zoals aandacht voor expertise en kwaliteit, is het moeilijker te werken aan een attitudeverandering waarmee je je cirkel van invloed vergroot en passend maakt bij verschillende veranderbehoeftes van de faculteiten van UvA en HvA enerzijds, en het nieuwe IT governanceproces anderzijds.

 Wanneer doe je het goed, als je niet alle touwtjes in handen hebt? Past bij ingrijpende innovaties zoals learning analytics en blended learning een projectmatige of procesmatige aanpak (zie schema hieronder) en welke competenties vraagt dit van O&O-ers? Hoe word je een betrouwbare partner als je co-creërend wilt innoveren met docenten studenten en onderzoekers?

Na twee maanden vinden we dat we goed bezig zijn maar vragen we ons af:  Waar komen we op uit? Hoe houden we de moed er in? Hoe blijven we elkaar inspireren? Hoe houden we het werken aan speerpunten en het werken aan projecten en opdrachten in balans? 

Aspect

Object

Projectmatig

Procesmatig

Tijdhorizon

Eindig, tevoren bepaald

Tijdelijk, met een niet te voorspellen einde

Gericht op

Vooraf bepaald resultaat

(On)mogelijke volgende stap

Besluitvorming

Per fase gebaseerd op beslisdocumenten

Ad hoc: zodra mogelijk

Plan van aanpak (proces)

Gefaseerd in logische stappen

Alleen de huidige stap voorzien

Uitkomst

Uniek, eenmalig, complex

Afhankelijk, onzeker, misschien

Actoren t.a.v. samenwerken

We moeten het samen maken

We weten (nog) niet of we iets samen willen

Management

Met behulp van GOTIK

Met behulp van faciliteren en blokkeren

Bron: Kleijn Rorink – Verandermanagement

Gedeelde Besluitvorming in beeld

Studenten Geneeskunde krijgen in alle jaren van hun opleiding les in communicatievaardigheden. De practica starten doorgaans met theorie/instructie, waarna de studenten gaan oefenen met simulatiepatiënten. In het derde jaar staat het practicum Gedeelde Besluitvorming op het programma. In dit practicum leren studenten hoe zij samen met de patiënt een behandelingskeuze kunnen maken wanneer er sprake is van medisch gezien gelijkwaardige opties. Grofweg bestaat zo’n gesprek uit vier fases, namelijk (1) agenderen van de te nemen beslissing, (2) informeren over de opties en de voor- en nadelen daarvan, (3) verkennen van de overweging van de patiënt en (4) tot een besluit komen.

plaatje1

Foto 1: De set.

 

 

 

 

 

 

 

 

Doel project
Het doel van dit Grassroots project is het ontwikkelen van modelvideo die studenten voorafgaand aan dit practicum thuis kunnen bekijken. De video toont het ‘goede voorbeeld’ en illustreert de verschillende fases van gedeelde besluitvorming. Hierdoor kan tijdens het practicum meer tijd worden besteed aan oefening in rollenspelen (‘flipped classroom’). Daarnaast is observatieleren (‘modelling’) een goede methode om nieuw gedrag aan te leren.

plaatje2

Foto 2: Laatste instructies voor de acteurs


 

 

 

 

 

 

 

Start project
Het project is gestart in oktober 2014. Verschillende secties van de afdeling Medische Psychologie van het AMC werkten samen om de modelvideo te ontwikkelen, o.a. Mart Calff (Patiëntenzorg), Lucille Ong (Onderwijs), Inge Henselmans en Sabrina Brugel (Onderzoek). Begonnen is met de ontwikkeling van een flexibel script dat is voorgelegd aan een medisch oncoloog en diverse experts op het gebied van gedeelde besluitvorming. Gekozen is voor een consult over de behandeling van ongeneeslijke kanker, aangezien dit een moeilijk gesprek betreft waarmee studenten zelf ook zullen gaan oefenen in de practica. Met het flexibele script konden de acteurs aan de slag. In december was het zo ver. De rol van patiënt werd vertolkt door Koos van der Knaap (uit o.a. ‘Toen was geluk heel gewoon’); Dorine van Woerden (ervaren trainer en therapeut) heeft de rol van medisch oncoloog op zich genomen; Mart Calff (hoofd Patientenzorg) sprak de voice over in. De film werd geproduceerd door het Audiovisueel Centrum van de UvA. Zowel de ‘dokter’ als de ‘patiënt’ waren geveld door griep op de opname dag, maar het eindresultaat is desondanks naar ieders tevredenheid.

 

plaatje3

Foto 3: Inspreken van de voice over.

 

 

 

 

 

 

 

 

De volgende stap

De volgende stap in het project is het presenteren van de modelvideo in E-learning format, zodat studenten er thuis via Blackboard gebruik van kunnen maken. Hierbij zal de afdeling Onderwijstechnologie van het AMC (Tim Sijstermans) ondersteunen. Deze werkzaamheden zullen plaatsvinden in februari-maart, waarna het practicum eind maart met de gloednieuwe modelvideo van start zal gaan. Het gebruik van de modelvideo zal geëvalueerd worden onder studenten.

 

 

 

 

 

 

Blended learning & Coursera, een discussieochtend op de UvA

Op 2 september j.l. bracht Dr. Vivek Goel , Chief Academic Strategist van Coursera, een bezoek aan de UvA. Dit bezoek was een goede aanleiding om hem uit te nodigen voor bijeenkomst om van gedachten te wisselen over Coursera en de UvA.

Een gevarieerd publiek van docenten, onderzoekers, ondersteuners, beleidsmakers en onderwijsdirecteuren kwam op de bijeenkomst af waar de centrale vraag was op welke wijze blended learning een bijdrage kan leveren aan de kwaliteit van het campusonderwijs. De vraagstelling is ingegeven door het nieuwe instellingsplan 2015 -2020 dat later dit jaar zal verschijnen. In het nieuwe instellingsplan zal de term blended learning een belangrijke rol spelen in de toekomstig plannen bij de inzet van technologie in het onderwijs. Blended learning en in het kielzog de recente stormachtige ontwikkelingen met MOOCs waren ook de aanleiding voor LERU, League of European Research Universities  om een advies te publiceren over de rol van online leren aan onderzoeks-intensieve universiteiten (zoals de UvA).slide Vivek Goel

Vivek Goel was gevraagd om de visie van Coursera op deze ontwikkelingen te schetsen. In zijn presentatie  ging hij nadrukkelijk in op de positie die Coursera ondertussen heeft in genomen in het aanbod van online hoger onderwijs en op de rol die Coursera voor zich ziet weggelegd als partner voor veel universiteiten waaronder de UvA. Een interessant feit uit de presentatie is dat de meeste studenten die Coursera trekt 30+ zijn en regulier hoger onderwijs hebben genoten. En dat Coursera steeds zichtbaarder aanwezig is in het aanbod van hoger onderwijs voor “emerging economies” waar de toegang tot regulier on campus hoger onderwijs slechts voor enkele personen is weggelegd. Daarnaast ging Vivek ook in op recente en nieuwe ontwikkelingen van de mogelijkheden die Coursera als platform biedt voor het ontwikkelen en aanbieden van online onderwijs. Een belangrijke innovatie is ondersteuning voor mobiele platformen van zowel Apple IOS als Android.

De tweede spreker deze ochtend was Annemarie Zand Scholten, de docent van de tweede UvA MOOC: “Solid Science: Research Methods die de UvA via Coursera aanbiedt en op 1 september live ging met meer dan 10.000 deelnemers.

Slide AZ ScholtenInspirerend en met de nodige online voorbeelden nam Annemarie de zaal stap voor stap in haar overwegingen en die van de opleiding om een MOOC te ontwikkelen met nadrukkelijk hergebruik van het MOOC materiaal voor flipped classroom (blended) onderwijs vorm voor haar reguliere on campus pre-master onderwijs. In een eerlijk betoog werd aangegeven dat pragmatische en kosten overwegingen de echte aanleidingen waren om een MOOC te ontwikkelen ipv de meer idealistische ideeën zoals “educate the world” die vaak gehoord worden. Door een MOOC te ontwikkelen en deze zowel online aan te bieden als MOOC en in een flipped classroom model voor de hoorcollege’s hoopt de opleiding meer energie te kunnen steken in de reguliere on campus werkgroepen. De middelen ontbreken om zowel hoorcollege’s als werkgroepen in de pre-master fase te kunnen bieden. Het aanbieden van een MOOC voor een groot wereldwijd publiek via Coursera is eigenlijk een positieve spin-off van deze keuze.

Een levendige discussie tussen sprekers en zaal volgde op de presentaties. Een greep uit de onderwerpen waar sprekers om een reactie werd gevraagd: de (on-) mogelijkheden van MOOC’s om klassieke academische vaardigheden adequaat te toetsen zoals een inspirerend en inhoudelijk valide betoog te schrijven, wat is de status van certificering bij online onderwijs, hoe organiseer je het ontwikkelen van MOOC’s, de bekostiging, het gebruik van webcolleges en kennisclips, wat is een inhoudelijke goede vorm voor online onderwijs, hoe kijken studenten naar deze ontwikkelingen etc etc.

Kennisclips – FEB

bijdrage van: Jose Oegema

Van januari tot en met december 2014 werken acht FEB-docenten aan het Grassrootsproject “Kennisclips”. Het project heeft tot doel om de Wiskunde – en Statistiek docenten van de bachelor opleidingen Economie & Bedrijfskunde en Econometrie de mogelijkheid te bieden kennisclips te produceren en gebruiken. Er is ondersteuning voor de docenten beschikbaar om zich het maken van kennisclips eigen te maken.

Bij de start van het project is er een student-assistent aangesteld. De student-assistent heeft zich ingewerkt in de materie en heeft met de docenten diverse mogelijkheden om kennisclips te maken uitgeprobeerd, bijvoorbeeld via UvA Clipmaker, via de tekentablet en via de iPad.

In de eerste maanden – van januari tot en met maart – zijn de docenten geïnformeerd en getraind en hebben ze geëxperimenteerd met diverse opnametechnieken. In april en mei zijn de eerste kennisclips ontwikkeld. Deze kennisclips worden tentamenopgaven uitgewerkt, aan de hand van een presentatie. Een aantal filmpjes is gemaakt met behulp van de iPad in combinatie met de applicatie Explain Everything (voor het project is een iPad aangeschaft); voor andere filmpjes is gebruik gemaakt van de opname van een PowerPoint met voice-over.

De kennisclips zijn op Blackboard geplaatst voor studenten die zich voorbereiden op de herkansing.

De studenten zijn na afloop van het tentamen via een enquête bevraagd over hun ervaringen met de kennisclips. Over het algemeen zijn de reacties van studenten erg positief; een overweldigende meerderheid prijst de duidelijkheid en structuur van de uitleg en geeft als kritiekpunt dat er meer filmpjes bij meer vakken zouden moeten komen. Dat is dus aanmoedigend. Ruimte voor verbetering ligt in de vormgeving van de filmpjes: voor veel studenten was de uitleg te langdradig bij sommige filmpjes en weer te oppervlakkig bij anderen: in de toekomst zou dat beter afgestemd moeten worden op de moeilijkheid van de opgave. Tegen verwachting in waren de studenten uiterst positief over de omgeving waarin de filmpjes gepresenteerd werden (webcollege.uva.nl), een grote aanmoediging om hiervan gebruik te blijven maken.

Daarnaast zijn docenten gevraagd naar hun bevindingen over de geboden ondersteuning, de gemaakte kennisclips en het gebruik hiervan. De docenten toonden zich tevreden over de ondersteuning bij hun eerste schreden op het pad van de kennisclips. Wat betreft het gebruik van de kennisclips zien de docenten een meerwaarde ten opzichte van een uitwerking op papier. Eén van de docenten zegt hierover: “Het prettige van de kennisclips is dat je niet alleen maar theorie of uitwerkingen van problemen “op papier” krijgt aangeboden, maar dat er ook mondeling uitleg gegeven wordt waarbij de stappen duidelijker worden. Naar mijn mening wordt studenten op deze manier een meer heldere structuur geboden en kun je studenten beter duidelijk maken hoe je een probleem systematisch kunt aanpakken. Tevens zijn problemen ook in een bredere context te plaatsen. Meer zintuigen van studenten worden aangesproken wanneer uitleg zowel visueel als auditief “geconsumeerd” kan worden.”

Naast positieve punten zien docenten ook valkuilen bij het gebruik van kennisclips, bijvoorbeeld dat de interactie met de docent ontbreekt. “Mijn ervaring is dat studenten die samen met de docent in een kleinere groep met een vak bezig zijn en niet direct antwoorden op problemen op een presenteerblaadje aangeboden krijgen, maar eest zelf aan de slag moeten gaan met problemen, de stof uiteindelijk veel beter beheersen.”

In de tweede fase van het project, vanaf de zomer, breiden we het project verder uit. Met behulp van opgedane ervaringen worden de opnametechnieken verder verbeterd. Ook willen docenten experimenteren met door hen nog niet gebruikte technieken. We zullen voor een aantal (andere) vakken kennisclips ontwikkelen waarin de tentamenopgaven worden uitgewerkt. Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheden om het ‘reguliere onderwijs’ te ondersteunen met behulp van Kennisclips. In dit perspectief willen docenten experimenteren met een “Flipped Classroom”.

MOOC’s, Open Education en een strategische keuze

In het Nederlandse Hoger Onderwijs wordt de inzet van ICT niet gezien als een strategische keuze. ICT wordt op z’n best gezien als een bijdrage om het onderwijs mogelijk te maken. In veel gevallen wordt het als lastig en ongrijpbaar ervaren. Het moet gaan om Onderwijs met een hoofdletter en de ICT middelen zijn niet datgene waarmee een instelling zich denkt te kunnen onderscheiden van de ander om het verschil te maken in een markt waar nieuwe (commerciële) aanbieders en onderlinge competitie aan de orde van de dag zijn.

In deze Open Education Week en in het programma van het SURF seminar (http://www.surf.nl/agenda/2014/03/symposium-open-en-online-education/index.html) wordt dit eens ter meer onderschreven. Alle sessies gaan over processen, meerwaarde, veranderstrategieën, rendementen en modellen voor samenwerking. Wat ik mis is de aandacht voor datgene wat in mijn ogen de essentie is van wat Open Education, Online onderwijs en MOOCs mogelijk heeft gemaakt. En dat is Technologie, met een hoofdletter.

Als onze voorvaders in de 15e en 16e het alleen over processen, nieuwe business-modellen,  veranderstrategieën, rendementen en meerwaarde hadden gehad was de Gouden Eeuw nooit tot stand gebracht. Wat Nederland het strategisch voordeel gaf op andere landen in de Gouden Eeuw was durf en technologische innovatie. De ontwikkeling van het fluitschip gaf andere landen het nakijken en Nederland kon met het fluitschip de zeehandel in Europa volledig naar zijn hand zetten waarnaar Amsterdam kon uitgroeien tot het centrum van de wereldhandel en de VOC kon worden opgericht als het eerste “moderne” bedrijf .

Mijn punt is: Als het Nederlandse Hoger Onderwijs of een universiteit de strategische keuze maakt om te innoveren en echt werk wil maken van online onderwijs dan moet ze haar focus richten op datgene wat de essentie is dat online onderwijs mogelijk maakt, de ontwikkeling en inzet van innovatie ICT die (uit-)gedragen wordt studenten, docenten en ICT bouwers. De unieke mix van handelslieden, koopvaarders en scheepsbouwers verdienen een 21ste eeuwse opvolger. Innovatief onderwijs kan niet zonder een focus op innovatieve technologie en bij voorkeur iets wat zelf ontwikkelen en niet van ver moeten halen.

Hoe ontwikkel ik een MOOC en waarom ?

Vorige week (10 -12 februari) was ik 1 van de ruim 450 deelnemers (waarvan 20 Nederlanders) aan de European MOOC’s Stakeholders Summit (http://www.emoocs2014.eu/) . De conferentie vond plaats in het buitengewoon indrukwekkende Rolex gebouw van the École Polytechnique Fédérale de Lausanne (EPFL) in Lausanne.

Tijdens de drie dagen was naast de gebruikelijke aandacht over de strategische betekenis van het huidige MOOC debat en de mooie vergezichten van de diverse MOOC aanbieders veel aandacht voor praktische verhalen over het maken en aanbieden van MOOCs.

Over wat MOOCs zijn en het maken van MOOCs, enkele praktische verwijzingen
De open education portal van de EU geeft in een korte bijdrage een overzicht waarin  in 4 video’s de diverse aspecten van MOOCs worden besproken. link: http://openeducationeuropa.eu/en/blogs/what-mooc-here-are-four-videos-explain-new-way-learn-online

Onze gastheer in Lausanne (EFPL) is een veteraan in het bouwen van MOOCs , ze hebben er al 21 aangeboden en er zijn 13 nieuwe MOOCs in productie. De volgende blogpost beschrijft kort het videoproductie proces van EFPL: http://ignatiawebs.blogspot.nl/2014/02/emooc2014-videos-dos-and-donts-from.html en de slides met de do’s en don’ts zijn meer dan informatief , het is een blauwdruk om zelf een productieproces op te zetten:  http://www.slideshare.net/pjermann/moocs-video-tutorial

De “must download” is de “Edinburgh MOOCs handbook” http://t.co/UVKYNdyo11 Een uitgebreide handleiding voor een ieder die een MOOC aan het bouwen is of wil bouwen op het Coursera platform.

De didactiek is een onderwerp dat niet ontbrak tijdens de conferentie. Hanneke Duisterwinkel (TUe) verzorgde een pre-conference workshop met handige Tips en Tricks die van belang zijn tijdens het ontwikkelen en aanbieden van een MOOC, link: http://www.slideshare.net/HannekeDuisterwinkel/the-pedagogy-of-moocs-presentatie-lausanne

Het verhaal van Gerard Fisher geeft stof tot nadenken over hoe en waarom je een MOOC aanbiedt, link naar afbeelding van “Why (and an how) of the learning perspective of MOOCs” https://twitter.com/valentinareda/status/433514364218667008/photo/1

Een bijzonder en ontroerend verhaal over hoe MOOCs het leven van mensen kunnen veranderen is het interview met Barbara Moser-Mercer, die in een vluchtelingenkamp met MOOCs aan de slag ging. (pagina 114 in de proceedings: “MOOCs in fragile contexts”) Link naar het interview: http://redasadki.me/2014/02/12/interview-with-barbara-moser-mercer-the-lady-who-did-moocs-in-a-refugee-camp/

Een kritische reflectie op MOOCs mag niet ontbreken. De post van Dianna Laurillard in Times Higher Education “Five Myths about MOOCs (link: http://www.timeshighereducation.co.uk/comment/opinion/five-myths-about-moocs/2010480.article) en de discussie die onderaan het artikel volgt is in mijn ogen verplichte kost in het debat over MOOCs.

Dit is slechts een steekproef uit vele leuke, inspirerende sessies die mij veel stof tot nadenken hebben gegeven om de MOOC ontwikkelingen aan de UvA verder vorm te geven. Ik heb de intentie in de komende weken ook aandacht te geven aan de strategische discussies en de discussie rond de business modellen die plaats vonden tijdens de conferentie.

Meer informatie over de European MOOC’s Stakeholders Summit
De proceedings van de conferentie zijn op te vinden op: http://www.emoocs2014.eu/sites/default/files/Proceedings-Moocs-Summit-2014.pdf

En de slides van de presentaties op (zover beschikbaar): http://www.emoocs2014.eu/node/34

De keynotes kunnen worden teruggekeken op : http://www.youtube.com/channel/UCLteG7VHlg77xp91mHf5CjQ/videos

Big Brother

bijdrage van: Sijo Dijkstra

De UvA zet de eerste schreden op het pas van learning analytics. Learning analytics gaat over het inzichtelijk maken van het (on-line) gedrag van studenten op bijvoorbeeld de elektronische leeromgeving. Door data uit de systemen op te vragen over bijvoorbeeld het moment waarop studenten leermaterialen downloaden uit Blackboard, deze te analyseren en te interpreteren kan een indicatie verkregen worden of een student op tijd begonnen is met studeren. Ook Blackboard zelf heeft mogelijkheden om het gedrag van studenten te monitoren bijvoorbeeld via het early warning system.
Door het gedrag van studenten op de elektronische diensten in kaart te brengen kan dit gedrag ook gestuurd worden met de bedoeling het studierendement en -succes te verhogen. De komende periode zullen aan de UvA meer initiatieven worden opgezet rond het thema learning analytics. Big Brother is supporting you? Of is het: Big Brother is watching you?